[Test] Jaguar I-Pace, wanneer de Britten de leiding nemen

[Test] Jaguar I-Pace, wanneer de Britten de leiding nemen

Traditionele autobouwers beginnen stilaan Tesla te volgen op de markt van de elektromobiliteit. Vooral Jaguar, dat de Duitsers de loef heeft afgestoken met zijn I-Pace. Is hij een ernstige rivaal?

 

Voor een merk dat in het verleden al regelmatig heeft uitgeblonken met esthetisch conservatisme heeft Jaguar met zijn I-Pace een duidelijke stijlbreuk gekozen. Dat is ongetwijfeld gedaan om het verschil te maken en om het ‘aparte’ statuut te benadrukken van dit eerste zuiver elektrische model uit de geschiedenis van Jaguar. De cross-over heeft duidelijk milde offroadambities – die zijn eigenaars ongetwijfeld niet zullen gebruiken – onder een gestrekt en bijzonder sportief profiel. In die mate dat je gaat vergeten dat de Britse vijfzitter vrij groot is met zijn lengte van 4,68 meter en zijn breedte van twee meter. Bovendien moet je er echt wel van worden overtuigd dat hij in het terrein aan de slag kan voor je probeert om de (optionele) luchtveren op te krikken om zijn buik verder van de rotsen te verwijderen.

Fris interieur

Met zijn sterke uiterlijke persoonlijkheid zou je een ‘geforceerd’ interieur kunnen verwachten. Daar is echter niets van aan. Jaguar is niet in de val van de originaliteit ten koste van alles getrapt en maakt zelfs een paar zeer slimme keuzes voor de binnenruimte van zijn I-Pace. De stoelen en de rijhouding zijn zeer goed, achterin is veel plaats voor twee volwassenen en de passagiers genieten een kolossaal (vast) panoramadak dat het interieur in het licht laat baden. Het moderne infotainmentscherm biedt uiteraard een aantal functies die interessant zijn voor elektrisch rijden zoals de projectie van de actieradius op een kaart van Europa, terwijl de comfortfuncties (airco, stoelverwarming enzovoort) zijn geconcentreerd op een tweede scherm, dat wat lager staat. Kortom: het design past bij het prestige van het merk.

Rijbereikangst? Waarom?

Laat ons maar het onderwerp aanpakken dat je echt interesseert: het rijbereik. De aluminium structuur van de I-Pace integreert een 600 kilo zwaar lithium-ionbatterijpack dat twee elektromotoren van in totaal 400 pk en 700 Nm voedt. De I-Pace flitst daarmee van 0 naar 100 km/u in 4,8 seconden, maar de Britten begrenzen de topsnelheid wel op 200 km/u om het rijbereik te sparen. Theoretisch gezien zou je 480 kilometer moeten kunnen rijden voor de stroom op is. In werkelijkheid kwamen wij tijdens onze test onder winterse omstandigheden (lage temperaturen, nachtritten, regen) eerder aan 300 tot 350 kilometer, met een reëel verbruik van 17 tot 25 kWh op secundaire wegen en met een ‘eco-friendly’ rijstijl. Dat blijft comfortabel voor dagelijks gebruik. Snelwegtrajecten blijven echter wat lastiger en vreten sterk aan het rijbereik. Hetzelfde geldt wanneer je wat steviger gas gaat geven en gaat profiteren van het waanzinnige koppel van de twee elektromotoren van elk 200 pk, die je schedel letterlijk tegen de hoofdsteun kleven.

Katachtig

Dergelijke meer dynamische ambities ondersteunt de I-Pace trouwens zonder problemen, met zijn lage zwaartepunt en optimale gewichtsverdeling (50/50). De adaptieve schokdemping en (optionele) luchtveren maken een vlotte manier van rijden met deze elektro-Jag erg plezierig. Al zet de romige en stille werking van het geheel uiteraard wel aan tot een meer rustige rijstijl. Opmerkelijk is de krachtige regeneratiefunctie bij het vertragen, die zo goed werkt dat we na een volledige week op de vingers van één hand konden tellen hoe vaak we het rempedaal nodig hebben gehad.

12 uur stekkeren

De elektrische Jaguar is vrij functioneel en biedt bijvoorbeeld twee koffers. De eerste zit achterin en slikt 656 liter. Dat is een redelijk volume dat niet wordt ingeperkt door de laadkabels, want die krijgen een plek in een 27 liter klein bakje in de neus. Snelladen kan je in theorie in 45 minuten van 0 naar 80 procent… als je een van de zeldzame 100 kW-snelladers in ons land vindt. Traditioneel herladen met de interne lader van 7 kW en een wallbox vereist dat je een twaalftal uur stilstaat. Laden aan een klassieke muurstekker wordt afgeraden om veiligheidsredenen, maar het kan. Dat duurt echter meer dan anderhalve dag, dus laat dat maar zitten.

Hoeveel?

De I-Pace kost 79.380 euro in zijn basisversie. Dat is een pittig bedrag en je kan er gemakkelijk nog een flinke schep bovenop doen door in de optiecatalogus te gaan bladeren en bijvoorbeeld de luchtveren (1.607 euro) te kiezen, of de Activity Key die de traditionele sleutel vervangt door een armband (407 euro), naast sportstoelen in Windsor-leer (6.918 euro) of een Meridian-audiosysteem (1.017 euro). Technologisch gezien is de I-Pace vrij goed uitgerust met rijhulpsystemen zoals een adaptieve snelheidsregelaar met spoorassistent, 360-gradencamera, verkeersbordherkenning, dodehoeksensoren, waarschuwing voor naderend dwarsverkeer achterop enzovoort.

Conclusie

Zonder veel poeha is Jaguar het eerste premiummerk dat erin is geslaagd om een geloofwaardige elektrische SUV in de nasleep van de Tesla Model X te bouwen. Hij is meer uitontwikkeld als ‘automobiel’, beter afgewerkt en minder opzichtig dan de Amerikaan en verleidt door zijn design, zijn rijplezier en zijn gebruiksgemak. Het is alleen jammer dat het rijbereik zo gevoelig is voor de gekozen rijstijl.

Onze mening over de Jaguar I-Pace in het kort :

VOOR

-Stijl

-Comfort

-Reëel rijbereik bij rustige rijstijl

-Efficiënte energierecuperatie

-Explosieve prestaties

TEGEN

-Eindprijs opties inbegrepen

-Rustige rijstijl aan te raden

-Zicht naar achteren

Technische fiche

Publicité

Delen